Recensie over Een bofkont in pechstad

Joris is de zoon van de burgemeester van Bofstad. Hij woont in een enorm huis met zijn vader en dienstmeisje Nina. Maar dan heb je ook nog de verschrikkelijke juffrouw Drakenstein. In eerste instantie heeft Joris niet zo veel problemen met haar, maar haar karakter wordt steeds bozer. En dat nu zijn vader trouwplannen heeft met haar! Wanneer Nina een oud lied zingt, wordt juffrouw Drakenstein furieus. Ze stuurt het dienstmeisje weg, want in haar bijzijn wordt dat afschuwelijke lied niet gezongen! Joris snapt er niets van, hij vindt het lied juist mooi. Maar dan ontdekt hij waarover het lied gaat…

Joris ontdekt dat het lied gaat over een vergeten stad: Pechstad. Hij gaat op onderzoek uit en gaat door het luik waar over gezongen wordt in het lied. Zo belandt hij in een wereld die hij niet kent. Alles is anders dan in Bofstad. Kan Joris ook hier de zon laten schijnen? En hoe komt hij toch van die vreselijke verloofd van zijn vader af…

Het is een erg leuk verhaal over mensen in Bofstad die alles hebben en mensen in Pechstad die helemaal niks hebben. Het verschil is zo groot dat Joris er iets aan wil doen. Het is een verhaal met veel humor, er zitten veel leuke personages in het verhaal. Zo heb je bijvoorbeeld Jack Pot, die wint altijd alles. Juffrouw Drakenstein is ook een erg leuk en bijzonder personage.

Het verhaal is erg fijn te lezen, de hoofdstukken zijn niet te lang. En het is erg vertellend geschreven, dus je ziet de omgeving helemaal voor je. De tekeningen in het boek ondersteunen het verhaal en maken het tot een mooi geheel.


Het is een boek wat leuk is om voor te lezen, maar ook zeker leuk is voor kinderen om het zelf te lezen. 

De onderwerpen die aan bod komen zijn rijk, arm en samen delen. Het is mooi om te zien hoe Joris zich het lot van de mensen uit Pechstad aantrekt en er iets aan wil gaan doen. De opmerking “Beloof niets wat je niet waar kunt maken” is ook een wijze les. 

Thijmen Gijsbertsen (1987) is opgegroeid in het dorp Putten. Daar woont hij nog steeds met veel plezier met zijn vrouw en vier kinderen en de kat Mevrouw de Boer. Al sinds jonge leeftijd schrijft hij verhalen met als grote droom ooit zelf een schrijver te worden.